De Zuil, Hans de Win, 1994

Op het Klimopplein staat een cilinder van bijna 5 meter hoog, voorzien van een zwart-witte betegeling. Anders dan een zuil draagt deze cilinder niets. Hij markeert de plek, de ruimte om hem heen. De cilinder is wel een drager van ideeën. Die hebben in dit geval te maken met het leven van en in een gemeenschap.

Je kunt denken aan een totempaal waar mensen zich omheen scharen. Anders dan de voorstellingen op een dergelijke totempaal is de verziering hier volledig abstract; een geometrisch patroon dat zich om de cilinder heen windt. Zwarte, evenwijdig lopende banen vormen als elkaar kruisende diagonalen een patroon zonder begin en einde. In de ruimte tussen de banen heeft Han de Win steeds een vierkant geplaatst waarvan de zijden evenwijdig lopen aan de diagonale banen. Je kunt ze zien als individuen die een plaats hebben in een netwerk: mensen in een gemeenschap.

Het in elkaar gevlochten netwerk, het oneindige patroon, biedt plaats aan de mensen die niet anders kunnen dan zich erin voegen. Zo is het patroon van diagonalen méér dan de ruimte die de mensen binnen hun gemeenschap hun plek geeft. Het is ook het ritme en de ruimte die ons bestaan te boven gaan, er het fundament en het kader voor vormen en er nog zijn als de mensheid is uitgestorven.
Op deze manier heeft Hans de Win een plein in ’s-Gravenpolder verbonden met het universum én het hier en nu met de eeuwigheid.
Een mooie gedachte om mee te nemen als je er je auto parkeert en boodschappen gaat doen …..